About "past"
Dagboekfragment 1995
Blanco als ik ben, neusde – of is het noos – ik weer eens in mijn oude dagboeken. ‘k Heb weer een leuk stukje gevonden.
“Ik voel me echt niet op mijn plek hier. Telkens dwalen mijn gedachten weer af naar andere landen en wenste ik dat ik zomaar weg kon en durfde te aan om ergens anders te wonen. Toch durf ik het alleen niet zo goed aan. Wat God van me wil is me op dit moment ook niet duidelijk en ik ben erg bang dat ik mijn eigen wil voorop zet. Met Peter naar Australie gaan lijkt me echt geweldig.
Liever nog zou ik verkering willen hebben, hoewel de gedachte aan een burgerlijk leven in dit dorp me ontzettend benauwt. Zou het niet overal een sleur worden? Ik weet het niet, ik weet niets meer. Hier ben ik dan, bijna 22 en ik weet nog niets van het leven! Ik ben bang dat ik uiteindelijk bij een hele suffe baan blijf steken en voor altijd in dit dorp moet blijven. Of, misschien wel erger, dat ik nog een jaar wegga en nooit meer kan wennen hier en me eigenlijk nergens meer thuis zal voelen. Geen van beide trekt me, eerlijk gezegd.
Kwam er maar een faxje uit de hemel met het antwoord erop, dat zou alles veel makkelijker maken. Ik wil weg hier. Ik heb goeie vrienden en genoeg kennissen, wat zoek ik nou? Wat wil ik nog meer? Dat is de hamvraag die onbeantwoord blijft. Morgen weer een dag om hier over te piekeren en te peinzen. Hersens werken op volle toeren tegenwoordig.
Het komische is dat ik toch naar Australie ben gegaan met Peter en dat diezelfde Peter al meer dan 11 jaar de liefde van mijn leven is!
Ik sluit af met een citaat, van wie ‘ie is weet ik niet. Of hij komt uit de bijbel of ik heb hem van mijn moeder. Meestal als ik denk dat iets uit de bijbel komt, dan is het een gevleugelde uitspraak van mijn mamsie. Ze is wijs, mijn moeder, en heeft de gave om nieuwe spreekwoorden en gezegden te verzinnen en op zo’n manier te brengen dat je echt denkt dat het uit de bijbel komt. Hier is ‘ie:
‘De mens wikt maar God beschikt.’
Ik dwaal af. De komende week kom ik weer met “Een ode aan..”, dit keer gewijd aan mijn moeder!
Trendwatcher
Nu ik er zo over nadenk…
Die bril is eigenlijk best hip nu.
En schotse rokken, daar loopt ook iedereen mee.
Skibroeken of leggings, what’s in a name.
Overhemdblouse, heb ik ook in de winkels zien hangen.
Die schoenen, nou ja, laten we die maar vergeten.
Ik was mijn tijd ver vooruit!
Jeugd-trauma's
Een lelijke, schotse rok met een speld op links. Dat gruwelding, en dan droeg ik er ook nog witgehaakte kniekousen onder. Je kan een kind veel wijsmaken, maar zelfs ik wist dat ik voor paal liep.
Onooglijke, donkerblauwe, lompe, orthopedische schoenen van Pinocchio. Wil ik niet meer woorden over vuilmaken, ik heb gehuild van ellende.
Een pluizige, roze skibroek ‘voor erbij’ zoals mijn moeder dat altijd zo leuk uitdrukte. Mijn halve garderobe bestond uit kleren ‘voor erbij’ en de andere helft had ik zelf uitgekozen wat misschien nog wel erger was. Zo kocht ik eens een witte overhemdblouse met allerlei frisblikjes erop, in allerlei kleuren, en in allerlei vormen.
Een door ‘Bril 58’ aangemeten bril, maat ‘bij’ in roze met wit met getinte glazen. “Da’s echt in hoor!” Ik hoor het de mevrouw nog zeggen. En dat met mijn kleine hoofd, de foto volgt asap, kan je lachen.
Mam, ik heb het overleefd. Voel je niet schuldig. Ik heb er niets aan overgehouden, sterker nog, ik zie er op dit moment niet veel anders uit.
Ik draag mijn 6 jaar oude bril, grijze joggingbroek met uitgezakt achterwerk en laplandische sloffen met een pompoentje eraan. Hoe leuk!
Conclusie: tijden veranderen, maar de mens blijft hetzelfde.
Zei de filosoof.
Kom maar binnen met je knecht
Er staan twee schoentjes bij de open haard. In een ervan zit een krant. De reden daarvoor is onduidelijk. “Dat heb ik vorig jaar ook gedaan.” Ach, de mens is een gewoontedier.
De verwachtingen zijn hooggespannen. Ik hoor woorden als X-box en Playstation. “Nee, dat is echt te duur. Sinterklaas heeft niet zoveel geld”, zeg ik teder glimlachend. “Tss, Sinterklaas bestaat niet eens!”, is het brute antwoord. Kortom, hun hoop is dus op mij gevestigd. Wat zullen ze balen.
Sinterklaas is leuk. Mijn vader speelde altijd voor Sinterklaas bij ons thuis. Als we helemaal geinstalleerd zaten te wachten op de komst van de heilige, moest pa opeens even weg, naar zijn werk ofzo, heel vaag. Dan werd er hard op de deur gebonsd en stonden de jute zakken voor de deur.
En dan kwam Sinterklaas binnen. Met mijn vaders schoenen aan en het kookboek van mijn moeder in de hand. En als hij dan ging zitten, schoof zijn jurk wat omhoog en zag je twee broekspijpen tevoorschijn komen. En we speelden allemaal het spel mee.
Oh heerlijk, ik hou van Sinterklaas, want Sinterklaas, dat is mijn vader!
Ik hou van hobby's
Als jong meisje heb ik wel eens een 5 meter lange punnikcreatie gemaakt.
Die heb ik toen aan tante Lies, de buurvrouw, gegeven om er een slak (van alle dingen: een slak!) van te laten maken.
Ik heb hem nooit teruggekregen.
Wat heb jij nooit teruggekregen?
Dagboekfragment 1994
In het jaar 1994 heb ik een heel hardcover schrift volgeschreven met alle ins & outs van mijn leven. Ik was in die tijd nogal, laten we zeggen, desperate op zoek naar de liefde van mijn leven. Bovendien had ik de neiging om het leven wat somber in te zien, en dat is een understatement. Mijn stemmingen wisselden dan ook per dag en vaker nog per uur. Ik zat in een postpuberale identiteitscrisis. Oké dan, hier komt het.
“Goed, verder weinig meer. Niet verliefd, toch niet, al zou ik het graag willen. Stel dat ik mijn ideale man in Canada ontmoet, stel! Ik ga er eerlijk gezegd niet van uit, ik geloof eigenlijk niet meer in sprookjes en al helemaal niet in buitenlandse sprookjes.
Ik kan het me gewoon niet meer voorstellen dat er iemand verliefd op mij kan worden. En dan natuurlijk niet zomaar iemand, wel iemand waar ik ook absoluut stuk van ben. Dat lijkt me nou echt iets onmogelijks. Ik zie het dan ook voorlopig (lees: nooit) niet gebeuren.
Jammer, ik had het graag nog meegemaakt. Maar ja, soms is het leven niet precies hoe je het zou willen hebben. Soms erg oneerlijk, vind ik. Iedereen trouwt maar en ik ben geboren om alleen te blijven, wat ik absoluut niet wil, ik zou gek worden. Ik word nu al gek.”
En dan te bedenken dat ik pas 21 was. Herkenning of was alleen ik gek?
Inspiratieloos
Sjoh, ik heb totaal geen inspiratie om maar dan ook iets te schrijven. Dan maar een lijstje baggercadeaus.
1. Een rode typemachine.
Ik werd 13 en was ervan overtuigd dat ik een surfplank zou krijgen. Don’t ask me why, ik kon namelijk niet surfen. En toen kwam de typemachine, de teleurstelling was groot.
2. Bruinleren, grieksachtige sandaalslippers.
Ik werd 12. Excuses aan mijn moeder die me dit cadeau gaf. Het kwam uit een goed hart, maar uit de verkeerde winkel. Ik heb ze nooit gedragen.
3. Ot en Sien poppetjes van aardewerk met kleertjes aan.
Let wel, ik werd 19 en ik kreeg dit cadeau niet van een demente tante maar van een vriendin, angstaanjagend.
4. Een roze etui.
Leuk zou je zeggen, ware het niet dat ik 22 was. Die kreeg ik dus wel van zo’n tante.
5. Twee paar oorbellen met stekers.
Ik was 8, had geen gaatjes in mijn oren en had echt met nadruk op mijn lootje gezet dat ik clips wilde! En ze kwamen nog uit de drogisterij van haar vader ook, bedacht ik me vals, dus ze had ze niet eens hoeven kopen.